Wat is zorgkorting?
Zorgkorting is een correctie in de kinderalimentatieberekening voor de ouder die kosten maakt tijdens zorgdagen. Hoe de zorg verdeeld is, kan daardoor invloed hebben op het bedrag dat uiteindelijk wordt betaald.
Waarom zorgdagen belangrijk zijn
Een ouder die het kind regelmatig verzorgt, betaalt tijdens die dagen ook eten, vervoer, kledinggebruik en andere dagelijkse kosten. De berekening houdt daar rekening mee zodat niet alleen inkomen, maar ook feitelijke zorg wordt meegenomen.
Zorgkorting en draagkrachttekort
Als ouders samen onvoldoende draagkracht hebben om volledig in de behoefte van het kind te voorzien, kan de zorgkorting anders doorwerken dan verwacht. Daarom is een volledige indicatieve berekening vaak nuttiger dan alleen een percentage bekijken.
Berekenen met actuele normen
De calculator gebruikt actuele uitgangspunten uit de Tremanormen 2026. De uitkomst blijft indicatief en is bedoeld om gesprekken over zorg en bijdrage concreter te maken.
In het kort
Zorgkorting voorkomt dat zorgdagen dubbel worden belast. Een ouder die het kind verzorgt, maakt tijdens die dagen al kosten. De berekening houdt daar rekening mee, maar altijd in samenhang met behoefte, draagkracht en eventuele tekorten.
Praktisch voorbeeld
Als een kind drie dagen per week bij een ouder is, maakt die ouder meer dagelijkse kosten dan bij een weekendregeling. Dat kan de zorgkorting beïnvloeden. Toch kan er nog steeds kinderalimentatie nodig zijn wanneer de inkomens sterk verschillen.
Veelgemaakte fouten
Een veelgemaakte fout is denken dat meer zorg automatisch betekent dat er geen kinderalimentatie meer is. De zorgkorting is maar een onderdeel. De behoefte van het kind en de draagkracht van beide ouders blijven bepalend.
Wanneer opnieuw berekenen?
Reken opnieuw wanneer de zorgregeling verandert, bijvoorbeeld van weekendzorg naar co-ouderschap of andersom. Ook bij gewijzigde inkomens of toeslagen kan dezelfde zorgkorting tot een andere uiteindelijke bijdrage leiden.
Hoe gebruikt u deze indicatie?
Gebruik de uitkomst vooral om bedragen, aannames en vragen concreet te maken. Noteer welke inkomens, zorgdagen, lasten en toeslagen u heeft ingevuld, zodat u later kunt controleren waarom een bedrag verandert. Bewaar ook loonstroken, toeslaggegevens, woonlasten en afspraken over zorgdagen bij elkaar. Zo ziet u sneller welke invoer het verschil maakt. Bespreek daarnaast welke gegevens zeker zijn en welke nog moeten worden gecontroleerd, want voorlopige invoer kan een bedrag merkbaar verschuiven. Bij definitieve afspraken, discussie of bijzondere omstandigheden blijft toetsing door een mediator, advocaat of andere deskundige verstandig.
Vragen om vooraf te verzamelen
Bepaal vooraf welke periode u wilt beoordelen, welk inkomen representatief is en of er afspraken zijn die al vastliggen in een convenant, ouderschapsplan of beschikking. Controleer ook of er bijzondere kosten, schulden of wisselende inkomsten zijn. Met die voorbereiding wordt de indicatie concreter en wordt sneller duidelijk welke punten nog overleg vragen.